Veiligheid CO2-opslag

De overheid houdt streng toezicht op de veiligheid van afvang, transport en op slag van CO2. De risico’s zijn vergelijkbaar met die van aardgas. De kans op een lek is klein en de gevolgen beperkt.

De Nederlandse overheid ziet toe op de veiligheid van CO2-opvang en -opslag. Wie CO2 wil gaan opslaan, moet bijvoorbeeld eerst een Milieu Effect Rapport (MER) opstellen en vergunningen aanvragen. Belanghebbenden kunnen vervolgens hun mening geven over de MER en de vergunningen.

De overheid ziet toe op de vergunningaanvraag. Daarbij zijn veiligheid en milieu erg belangrijk. Zo moeten de gebruikte materialen voldoen aan strenge eisen, net als de veiligheidsmaatregelen, de veiligheidszones en de metingen. De overheid controleert tijdens de uitvoering of de bedrijven zich houden aan de afspraken.

Risico's: gelijk aan aardgas

Als iedereen de verplichte veiligheidsmaatregelen opvolgt, zullen de risico’s van transport en opslag van CO2 gelijk zijn aan die van de winning en het transport van aardgas, of zelfs lager.

De technieken voor de afvang van CO2 zijn vergelijkbaar met technieken die al worden gebruikt in bijvoorbeeld olieraffinage en kunstmestproductie. Daarom verwachten deskundigen ook bij CO2 geen onaanvaardbare risico’s.

Transport: erg kleine kans op lek

De kans op het weglekken van CO2 bij transport is erg klein. Het is vergelijkbaar met de kans op lekkage in bestaande ondergrondse gaspijpleidingen: gemiddeld ontstaat eens in de honderd jaar een lek in elke tweehonderd kilometer pijpleiding.

Als een pijpleiding lek raakt, zou in korte tijd een grote hoeveelheid CO2 vrij kunnen komen. Maar de controlesystemen zullen het kapotte deel van de pijp snel afsluiten.

Opslag: hoge eisen, goede controle

De opslagplaatsen worden voor gebruik goed onderzocht. Er mag pas CO2 in als vooraf is bewezen dat de kans op lekkage via breuken of scheuren in de aardlagen minimaal is. Uit een leeg gasveld kan CO2 sowieso moeilijk ontsnappen: de druk is daar lager dan, of gelijk aan, de druk in de directe omgeving van het veld.

Metingen aan de afdichting en de buizen maken de kans zeer klein dat CO2 weglekt via slecht afsluitende putten. Eventuele lekkage zal altijd snel worden opgemerkt door goede controle. Maatregelen om de afsluiting te verbeteren zorgen er vervolgens voor dat de effecten altijd zeer klein zijn.

Toch een lek: alleen vlakbij gevaarlijk

Raakt er toch een transportleiding of opslagput lek en ontstaat er zo een hoge concentratie CO2, dan is er alleen dichtbij het lek gevaar voor mens en dier. Hoe ernstig een verhoogde concentratie is hangt af van het lek en het weer. Omdat de druk in de leiding of put hoog is, zal lekkage hoorbaar en zichtbaar zijn. De CO2 zal met kracht uit het lek stromen en zich snel mengen met de buitenlucht. De concentratie daalt hierdoor snel. Het gevaar zal beperkt blijven tot een straal van enkele tientallen meters rond de lekkage.

Ontstaat er een lek in een afgesloten ruimte, dan zal meetapparatuur dit snel registreren en zal het bedrijf actie ondernemen. De kans op zo’n lek is heel erg klein: niet groter dan de kans op een lek in een gasleiding.

Ongevallen met CO2

1986 - Lake Nios (Kameroen)

In 1986 kwam bij Lake Nios in Kameroen, als gevolg van continue vulkanische activiteit, een grote hoeveelheid CO2 vrij uit het meer. Een wolk van CO2 zakte de berghelling af en vulde een dal, verdrong daar de lucht en zuurstof; 1.800 mensen kwamen om. Door het tropische klimaat kon de bijzonder grote hoeveelheid CO2 ophopen op de bodem van het zeer diepe meer; de CO2 kwam vrij in een bergachtig gebied bij windstil weer.

Dit soort omstandigheden hebben we in Nederland niet. De gevolgen zijn dan ook anders indien er eventueel CO2 zou vrijkomen uit een diepliggend gesteentereservoir in Nederland. Want als er CO2 zou vrijkomen, gaat het altijd om kleine hoeveelheden omdat het verloopt via een zeer langzaam diffusieproces. Grotere hoeveelheden zouden alleen kunnen onstaan bij een lekkage via de injectieleiding of de injectieput. Dat gebeurt onder hoge druk en met grote kracht, waardoor CO2 snel zal mengen met de omliggende lucht; het lek is dan goed zichtbaar en hoorbaar zodat men maatregelen kan nemen.

2008 - Mönchengladbach (Duitsland)

In 2008 kregen in Duitsland in Mönchengladbach 100 mensen last van ademhalingsproblemen. Er werd daar een brand geblust met een CO2-brandblusinstallatie waardoor de betreffende grote fabriekshal zich met CO2 vulde. Vervolgens zijn de deuren vroegtijdig geopend, wat niet had moeten gebeuren. Daardoor kwam de CO2 vrij. De resulterende CO2 wolk mengde door gebrek aan wind nauwelijks en verspreidde zich in een wijk.

Om twee redenen kan zoiets bij CO2-afvang en -opslagprojecten echter niet gebeuren:

  • eventuele lekkage in de buitenlucht zal altijd onder hoge druk plaatsvinden, zodat er snel menging optreedt;
  • als de CO2 vrijkomt in bijvoorbeeld een gebouw waar de pompen staan, gaat het altijd om veel kleinere hoeveelheden CO2 dan in de Duitse fabriekshal het geval was, omdat de pompgebouwen veel kleiner zijn. Daarbij zal zo’n lekkage ontdekt worden door de CO2-meters in deze gebouwen, zodat men maatregelen kan nemen voordat het gebouw geopend wordt.
De informatie op deze website is goedgekeurd door deskundigen uit milieuorganisaties, het bedrijfsleven, de wetenschap en de overheid. Zij zijn het erover eens dat deze informatie evenwichtig en juist is.
Home
Over deze site Contact sitemap
Tekst kleiner maken Tekst groter maken Print deze pagina Verstuur pagina

Stuur deze pagina door.

Uw naam:  
Uw e-mailadres:  
Naam ontvanger:  
E-mailadres ontvanger:  
Verstuur  [x] sluit